Opinie

19 november 2013

‘De wetenschap deugt wél’

Eenzaam, zo voelde NWO-voorzitter Jos Engelen zich op een debat van de actiegroep Science in transition. ‘Je zou bijna gaan denken dat er iets grondig mis is met de wetenschap.’

Science in transition is een beweging van kritische wetenschappers die vinden dat er veel dingen moeten veranderen in de wetenschap. Deelt u hun kritiek? “Nee, helemaal niet. We doen ons best de wetenschap in Nederland zo goed mogelijk in te richten en ik denk dat we daarin redelijk slagen. Ik was verbaasd dat vertegenwoordigers van andere wetenschapsorganisaties, zoals de KNAW, VSNU en WRR, mij daarin niet bijvielen in het debat. De sfeer was negatief. En echt overtuigende verhalen over wat er mis is en hoe het dan wel zou moeten, heb ik niet gehoord. Het bleef erg anekdotisch allemaal.”

Frank Miedema, decaan van het UMC Utrecht, spreekt van ‘perverse prikkels’ en een systeem dat net zo verrot is als de bankensector. “Ik herken dat beeld helemaal niet. Hij zegt ook dat er te veel mensen promoveren op onderzoekjes die de naam proefschrift eigenlijk niet waard zijn. Als dat aan zijn faculteit zo is, is hij de eerst aangewezene om daar iets aan te doen.”

Wetenschappers hebben het gevoel dat hun vrijheid van alle kanten wordt ingeperkt: ze moeten voorstellen schrijven om aan geld te komen, daarin moeten ze vooraf precies vastleggen wat ze gaan doen, achteraf moeten ze verantwoording afleggen en daarnaast moeten ze ook nog eens college geven en tentamens nakijken. “Onderwijs- en onderzoekstaken moeten uiteraard in redelijk evenwicht zijn. Daar ligt primair een taak voor de universiteiten. Laat de critici maar zeggen hoe we de wetenschap anders moeten inrichten. Die onderzoeksvoorstellen die de onderzoekers onder meer voor NWO moeten schrijven zijn een uitstekende manier om helder te krijgen wat ze eigenlijk echt willen onderzoeken. Dat hoor ik voortdurend van wetenschappers; het schrijven van het voorstel is inspirerend. Degenen die de voorstellen op kwaliteit beoordelen, zijn zelf ook wetenschappers.

“Er zijn wel dingen die we misschien anders moeten inrichten: kleine beurzen afschaffen, waardoor wetenschappers niet voor een paar duizend euro uitgebreide procedures door moeten, bijvoorbeeld. En het is ook erg onbevredigend als je veel meer excellente voorstellen hebt dan je kunt honoreren en dat gebeurt soms. Maar de algemene teneur dat er niets zou deugen van onze wetenschap, deel ik niet.”

Er wordt zo veel gepubliceerd dat niemand het meer kan bijhouden, is een van de kritiekpunten. “Als de vooruitgang van de wetenschap zou afhangen van wat één enkel mens zou moeten kunnen bijhouden, dan hadden we pas echt een probleem.”

Hebben we te veel promovendi in Nederland? “Ik denk juist dat we er te weinig hebben. Het aantal promovendi is de afgelopen tien jaar hard gestegen en dat is goed. Per saldo zitten we nog steeds vrij laag als je vergelijkt hoe veel gepromoveerden andere Europese landen in hun beroepsbevolking hebben.”

Ook als je ze daarna weinig perspectief kunt bieden op een carrière in de wetenschap? “Dat is inderdaad de realiteit: niet elke gepromoveerde vindt een plaats aan een universiteit. Ik ben voor meer geld voor wetenschap, zodat er meer mensen als wetenschapper kunnen blijven werken. De samenleving is overigens ook gebaat bij wetenschappers die overstappen naar de overheid of het bedrijfsleven. Of de politiek. Ik sta ook open voor de discussie of het geld anders moet worden verdeeld, waardoor er in bepaalde vakgebieden mensen bij komen en in andere juist niet. Dat is een zinvolle discussie. En als we met z’n allen vinden dat er te weinig geld naar wetenschap gaat, moeten we dat proberen hard te maken bij de politiek.”

Welmoed Visser

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.