NIEUWS

Campus 07 maart 2016

Rechten schaft online colleges af: ‘Wij willen meer contact’

reacties 4

Portefeuillehouder onderwijs Battjes verdedigt de bij studenten omstreden beslissing van de Rechtenfaculteit om  online colleges af te schaffen. ‘Wij willen dat studenten naar de colleges komen.’

Waarom verdwijnen de online colleges?

“Hoofdreden is dat de slidecasts [Powerpoint-presentaties van het college met de stem van de docent erbij, red.] didactisch helemaal niets toevoegen aan het onderwijs. Het is alleen een service aan studenten. Maar ze hebben wel negatieve effecten en gaan in tegen wat wij willen bereiken: meer contact tussen studenten en docenten. Slidecasts zijn een open uitnodiging om níet naar college te gaan. Dat studenten flexibeler met hun tijd willen omgaan begrijpt het faculteitsbestuur, maar in onze ogen zijn de nadelen voor studenten groter dan de voordelen.”

Halen studenten zonder de slidecasts dan betere cijfers?

“In ieder geval geen slechtere. Nu zijn de slidecasts in het eerste jaar afgeschaft. We zien dat er meer studenten naar college komen en daar actiever participeren. Of de tentamenresultaten beter zijn, weten we niet. Daar hebben we nog te weinig harde gegevens over. Onze ervaring is dat hoe vaker een student de colleges bijwoont, hoe hoger de kans is om voor het tentamen te slagen.”

Digitaal onderwijs heeft toch de toekomst?

“Absoluut! Daar investeren we ook in. Maar dat moet je op een andere manier doen dan met slidecasts. Bijvoorbeeld met instructiefilmpjes en echte mooc’s [massive open online courses, red.] die hoorcolleges kunnen vervangen. Daar zijn we wel me bezig. Om het goed te ontwikkelen hebben we tijd en geld nodig. Ik denk niet dat alle hoorcolleges eeuwig zullen blijven bestaan.”

Maar de faculteit moet studenten toch bij de les houden?

“Dat proberen we ook. Voor het eerste jaar geldt de norm van 14 contacturen per week en voor de rest van de bachelor 12 uur. Dat vullen we niet alleen op met hoorcolleges, ook met werkgroepen van maximaal 25 studenten. Dat doen we al een paar jaar minimaal 3 uur per week. Voor onze docenten is dat een flinke belasting. Dan mogen wij wel van studenten verwachten dat ze ook naar het college komen. Wij geloven in contact tussen docent en student. Dat is de kern van ons onderwijs.”

Dirk de Hoog
BEELD: Dirk de Hoog

{ Lees de 4  reacties }

hits 149
Door Elly op 07 maart 2016

Of studenten naar college komen hangt ook af van de kwaliteiten van de docent. Als ze veel te snel gaan, veel te langzaam, of alleen de tekst van de presentatie oplezen, en verder geen interactie met de studenten hebben, ben je als student slimmer om ze thuis te kijken (of niet, al de docent allen maar opleest).
En dit komt helaas maar al te vaak voor.
Juist goede studenten profiteren van de opnamen door bijv. Hun aantekeningen te completeren.
Slechte studenten gebruiken het als excuus om niet te komen, en gaan ze dan niet meer kijken, dus die worden slechter.

Voor dyslecten (10%), die geen aantekeningen kunnen maken, zijn de opnamen onmisbaar.

Ik ben bang dat deze beslissing wordt ingegeven door angst voor de nieuwe tijden. Of komt er werkelijk meer interactie bij het college? Met voting tools bijvoorbeeld? En door niet zo interactieve stukjes alleen als kennisclips aan te bieden, en de leuke stukjes in college te doen? Als ik het zo lees zijn jullie nog lang niet zover....

Door Sylvia Moes op 07 maart 2016

Bij beginselen Staatsrecht zijn er anders hele goede resultaten gehaald door de inzet van kennisclips. De vraag is hoe je contacttijd intensiveert door integratie van online content en tools. Een eenzijdige benadering van of/of is eigenlijk niet meer de vraag die op internationaal niveau speelt.

En ja, ik kan mij ook vinden in de opmerking hierboven.

Dus maak het college en practica interessanter dan een monoloog van een docent. Spreek een bredere groep studenten aan op diverse leerstijlen. Dat is de uitdaging :)

Door Mathijs Bergman op 09 maart 2016

Ik kan mij wél vinden in het besluit van de Rechtenfaculteit om slidecasts af te schaffen.
Ik, en veel docenten aan mijn faculteit, zien het niet beschikbaar stellen van slidecasts in jaar 1 als uitnodiging om zoveel mogelijk studenten te betrekken bij hun studie én te leren studeren. Onder “betrekken bij de studie” versta ik dat studenten worden geprikkeld om daadwerkelijk naar de campus te komen, gezamenlijk colleges bij te wonen en interactie met elkaar en de docenten aan te gaan. Betrokkenheid bij je studie is namelijk meer dan met je neus in de boeken een zo hoog mogelijk cijfer halen voor je tentamen. Voor een succesvolle carrière na je studie heb sociale en academische vaardigheden nodig, die je opdoet en aanscherpt door zoveel mogelijk en vanaf jaar 1 deel te nemen aan de academische gemeenschap, inclusief het actief bijwonen van hoorcolleges en (pro-)actieve deelname in werkgroepen, maar ook door lid te worden van een studievereniging en door een actieve deelname aan het “leven op de campus”. Er zijn te veel voorbeelden van studenten die de universiteit verlaten met een mooie cijferlijst, maar moeilijk of geen passende baan vinden, doordat zij onvoldoende ontwikkelde socio-academische vaardigheden hebben om zich te profileren of doordat zij minder contacten hebben en kleinere netwerken.
Daarnaast krijgen studenten door het ontbreken van slidecasts een beter idee van wat er van hen verwacht wordt tijdens hun studie (zowel in de bachelor als master fase). Veel eerstejaars studenten moeten nog leren studeren. Daarnaast begint nog steeds een groot deel van de studenten aan een studie die niet hun overtuigde eerste keus is (bijvoorbeeld omdat zij niet zijn toegelaten tot een numerus-fixus studie), dus is het noodzakelijk dat studenten in hun eerste jaar een duidelijk beeld krijgen of zij wel gemotiveerd en gedisciplineerd genoeg zijn om hun studie succesvol af te ronden. In mijn ogen heeft het eerste jaar van een opleiding ook een soort selecterende functie. Studenten die niet voldoende gemotiveerd zijn - of discipline kunnen opbrengen – óf studenten voor wie het niveau van een universitaire opleiding te hoog blijkt te zijn, hebben er baat bij wanneer zij daar in jaar 1 achter komen. Deze studenten kunnen dan uitstromen naar een opleiding die beter bij hen past en verliezen zo min mogelijk tijd. Wanneer het niet-opnemen van colleges de enige reden is dat een student een negatief BSA krijgt, zit die student waarschijnlijk niet op de goede plek en is het, voor zowel de student persoonlijk als voor de opleiding, goed dat die student uitstroomt.
Afschaffen van slidecasts in het eerste jaar vindt ik dus een goede zaak. Andere vormen van digitalisering van het onderwijs, zoals kennisclips, on-line oefenmodules, tussentoetsen om zelfstudie te ondersteunen etcetera, bieden de studenten veel meer ondersteuning.

Mathijs Bergman, senior docent aan de faculteit Aard- en Levenswetenschappen.

Door Hans Bronkhorst op 11 maart 2016

Boeiend hoe door de jaren heen telkens maar weer de slidecasts of weblectures de schuld krijgen van verminderde aanwezigheid in de collegezaal. Of zelfs in het geval van Mathijs Bergman van een hele set aan overwegingen over het eerste jaar, waar ik het in veel opzichten roerend mee eens ben, maar het daarvoor zwart maken van slidecasts gratuit vind. Als we de redenen om slidecasts en weblectures op te nemen op een rijtje zetten, dan is dat ten eerste om een onderdeel van het college dat je niet begrijpt nog eens aandachtig terug te kunnen horen, eventueel verder terug in het college naar de opbouw van het betoog van de docent te luisteren en dan hopelijk wel de uitleg te begrijpen. En als dan het begrip er nog niet is, een vraag per mail of in het volgende college te stellen hierover. Ten tweede om je aantekeningen bij te werken of op basis van de opname te maken. Je bent aanwezig geweest, hebt aandachtig geluisterd, maar schrijft niet zo snel, dan is dit een briljant hulpmiddel en je leert er indirect veel door. Ten derde vormen de studenten met een functiebeperking een belangrijke reden (dyslexie werd al genoemd, maar slechthorenden en studenten die snel vermoeid zijn kunnen hier ook goed door geholpen worden).
Iets heel anders is dat interactiviteit te pas en te onpas genoemd wordt voor het aanwezig moeten zijn bij een college. Te pas, omdat een docent zich daar actief op richt, zelfs bij een gehoor van meer dan 50 studenten. En dit dan niet met vinger opsteken, want daar activeer je een grote groep studenten niet mee. Te onpas, omdat de redenering is als de studenten aanwezig zijn, dan kunnen ze vragen stellen, zie er is interactie. Er zijn meer redenen, maar daarvoor wil ik naar Sylvia Moes verwijzen, die hier uitgebreid bij behulpzaam kan zijn. Of naar de site weblectures.nl, waar veel informatie over dit onderwerp op te vinden is.
Een laatste opmerking nog, ik ben zeer benieuwd of de resultaten van vakken, waarbij geen slidecasts worden opgenomen inderdaad verbeteren. Tot nu toe is uit onderzoek in diverse landen gebleken dat bij het beschikbaar zijn van slidecasts of weblectures de resultaten van studenten tussen een half en heel punt omhoog gingen, onder verder gelijkblijvende condities. Dat ik het besluit van Rechten om bovenstaande redenen dan ook betreur moge duidelijk zijn. Tenzij er nu, dus niet over een tijdje pas, een batterij aan andere acties genomen wordt om ditzelfde rendement te bereiken.

PS het spijt me te moeten zeggen, maar ik vind (en dus niet vindt) dat een senior docent een goed voorbeeld van gebruik van de Nederlandse taal moet geven.

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.