NIEUWS

Campus 18 februari 2015

Leidse hoogleraar over Nijkamp: 'Ik wist dat ik dingen deed die niet hoorden'

reacties 17

“Ik wil het best van de daken schreeuwen”, zegt de Leidse hoogleraar Richard Gill, “ik beticht Peter Nijkamp en Karima Kourtit niet van het vervalsen van gegevens.”

Sinds gisteren staat er een verklaring op Gills site, opgesteld door een geschillencommissie van de Universiteit Leiden, waarin Gill verklaart dat het ‘nooit zijn bedoeling is geweest om de heer Nijkamp en mevrouw Kourtit te beschuldigen van data-fraude of van enige andere inbreuk op de wetenschappelijke integriteit’.

Ook erkent Gill in de verklaring dat hij, om een wetenschappelijk debat uit te lokken, een document over Nijkamp en Kourtit openbaar heeft gemaakt dat voor een gedeelte vertrouwelijk was, en dat hij daartoe ‘ook andere middelen had kunnen aanwenden.’

Op de vingers getikt

De verklaring is het resultaat van een schikking, ‘in den minne’, tussen Gill en Nijkamp en Kourtit, die een klacht tegen Gill hadden ingediend. De hoogleraar mathematische statistiek had een document op zijn website geplaatst met de volledige klacht van de anonieme persoon die ruimtelijke economen Nijkamp en Kourtit beschuldigt van wetenschappelijke wanpraktijken. Gill werd als deskundige opgevoerd door NRC-journalist Frank van Kolfschooten, die de zaak in de media bracht en sprak her en der zijn ongenoegen uit over de manier waarop de VU de zaak afhandelde.

Er is afgesproken dat de verklaring zes maanden op zijn site blijft staan, maar Gill hecht eraan te benadrukken dat hij niet is gedwongen de verklaring te publiceren. “Ik heb het vrijwillig zo afgesproken. Ik voel me ook niet op mijn vingers getikt. Ik ben zeer tevreden over de zorgvuldigheid van de commissie.”

Aan de andere kant vindt hij het jammer dat de commissie geen bindende uitspraak heeft gedaan naar aanleiding van de klacht van Nijkamp en Kourtit. “Het zou ook interessant zijn geweest als de klacht tot aan het LOWI (Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit – PB) was gebracht. Want het is de anonieme klokkenluider die het vertrouwelijke document openbaar heeft gemaakt, maar ben ik echt juridisch fout geweest door hem daarbij te helpen?”

Op het randje

Het vertrouwelijke gedeelte van het door Gill gepubliceerde document is een bijlage met daarin de correspondentie van de anonymus met de VU-ombudsman. De anonymus wilde ermee laten zien dat hij bij de VU nul op het rekest kreeg.

“Ik heb er een weekend lang over nagedacht of ik het zou publiceren en ik wist dat het op het randje was, maar ik voelde me misleid door de VU, die zich niet richtte op de kwaliteit van het werk van Nijkamp en Kourtit, maar de aandacht verlegde naar zelfplagiaat en bronvermelding. Ook verscheen er allerlei onzin in de media.”

“Ik wist dat ik dingen deed die niet hoorden, maar de andere partijen deden ook dingen die niet hoorden”, aldus Gill.

Hij heeft Nijkamp en Kourtit inderdaad nooit beschuldigd van fraude. Maar over het proefschrift van Kourtit, Nijkamps promovenda, zei hij wel tegen Advalvas: “Het was gewoon bagger, globaal ondeugdelijk, er klopte gewoon niets van.”

Stranden en waterpartijen

“Maar dat gaat over de kwaliteit van hun statische methodiek”, zegt hij. “Ik moet zeggen, de commissie vond dat wel een beetje bot van mij en ik had dat ook zo niet moeten zeggen. Mijn zoon zei ook tegen mij: ‘op deze manier verzwak je je eigen argumenten in de ogen van veel mensen’. Tja, GeenStijl beïnvloedt ons allemaal, maar het hoort inderdaad niet bij een wetenschappelijk debat.”

En dat hij de volledige anonieme klacht heeft gepubliceerd, wil ook niet zeggen dat hij die volledig onderschrijft. “Er staan ook dingen in die niet kloppen. Bijvoorbeeld over het openbare groen in twee Europese steden, waaronder Marseille. De klokkenluider beweert dat je op Google Earth kunt zien dat Nijkamp en Kourtits beweringen daarover onzinnig zijn, maar hij realiseert zich niet dat stranden en waterpartijen in de planologische definitie ook tot het openbare groen worden gerekend.”

Een kleine miskleun van de anonymus, beaamt Gill, “maar het kan zijn dat hij meer van dergelijke fouten heeft gemaakt.”

Debat over kwaliteit

Hij blijft erbij dat Nijkamp en zijn co-auteurs veel te ruime criteria hanteren (een p-waarde van 10 procent in plaats van de gebruikelijke 5 procent) en ook geen rekening houdt met multipele vergelijkingen (“multiple comparisons”), waardoor heel veel “valse positieven” onstaan.

“Ik zou zo graag een debat willen over de kwaliteit van de wetenschap. Er wordt veel gesproken over integriteit, maar de meeste klachten gaan over de kwaliteit.”

Zorgvuldigheidsnorm overtreden

Peter Nijkamp toont zich erg tevreden over de verklaring van Gill op diens site. "Gill geeft toe dat hij de vertrouwelijkheid geschonden heeft. Daarmee heeft hij de vereiste zorgvuldigheidsnorm overschreden", aldus Nijkamp. "Nog belangrijker is dat hij erkent dat de anonieme beschuldiging van datamanipulatie en wetenschapsfraude aan ons adres ongefundeerd is. Hij betuigt spijt over deze missers."

Nijkamp zegt dat hij en Kourtit de zaak hiermee als afgedaan beschouwen.

Binnenkort worden de bevindingen openbaar gemaakt van de commissie die, in opdracht van de VU, Nijkamps wetenschappelijke publicaties heeft doorgelicht. Nijkamp maakt zich er niet druk om: "Dat gaat over zelfplagiaat, daar zijn niet eens regels voor. Dat heeft met deze zaak niets te maken."

 

Peter Breedveld
BEELD: Richard Gill

{ Lees de 17  reacties }

hits 28
Door Anonymous op 18 februari 2015

Nijkamp: "Nog belangrijker is dat hij erkent dat de anonieme beschuldiging van datamanipulatie en wetenschapsfraude aan ons adres ongefundeerd is. Hij betuigt spijt over deze missers."

Dat is dus weer een prachtig voorbeeld van onwaarheden. Gill zegt alleen dat niet hijzelf deze beschuldigingen uit, en dat onderzoek nodig is om de beschuldigingen te onderzoeken. En hij betuigt al helemaal geen spijt, en dat kan ook niet, want het zijn niet zijn uitspraken, maar die van de anonymus.

Mij persoonlijk komt het voor alsof Gill door de hoge pief Nijkamp bij de meester op het matje geroepen is, en Gills universiteit uit angst voor het verlies van onderzoeksgeld (waarover de golfclub van Nijkamp beslist) Gill onder druk heeft gezet om deze nietszeggende verklaring openbaar te maken.

Door Richard Gill op 19 februari 2015

Ik reageer even op "Anonymous".

Ik voelde me niet op het matje geroepen. Ik heb geen enkele druk gevoeld om iets te ondertekenen waarmee ik me niet 100% achter kon staan. De CWI van Leiden heeft op eigen initiatief gepoogd om te bemiddelen, en we zijn snel tot een gezamenlijke verklaring gekomen waar alle partijen zich in konden vinden.

Als we niet zo uit waren gekomen, dan had de commissie zijn eigen besluit moeten maken over de klacht van Nijkamp en Kourtit tegen mij. Dat is dus niet gebeurd. Too bad.

Door Richard Gill op 20 februari 2015

PS I also think that the following still needs to be done:

(1) Kourtit's original (withdrawn) thesis needs to be made publicly available on internet. After all, it consists of published papers by herself and was approved by the reading committee. Also the reading committee of the second thesis said that the first thesis was fine, aside from perhaps some forgotten references. So there are no copyright issues; the first thesis is also part of the scientific public record.

(2) The public (scientific) part of the whistleblower's report needs to be translated into English and published on internet. Possibly a disclaimer needs to be added or some rough edges polished.

Door NN op 20 februari 2015

Mijn punt over stedelijk groen klopt wel degelijk. Wanneer we in Baycan-Levent et al. (2009) in Tabel 3 op p. 207 kijken staat daar bij Marseille in Kolom 1, onder het kopje “proportion of green spaces with respect to total area (%)” dat dit percentage 39,3% bedraagt. De bijbehorende definitie van deze variabele is (onder hetzelfde kopje) op p. 205 te vinden, en deze is “Total green spaces consist of gardens, urban parks, neighbourhood parks, historical gardens, green squares and plazas, green playgrounds, and other city-specific green spaces.”. Deze definitie laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Nergens in het document staat een andere definitie van deze variabele, zoals een planologische definitie waarbij ook stranden en waterpartijen onderdeel zouden vormen van deze variabele. Er staat wel dat gebruik is gemaakt van planologische (land-use) data, maar dat wil niet zeggen dat alle groene ruimte op één hoop is gegooid. Zoals de auteurs zelf uitleggen hebben ze namelijk ook gekeken naar het type groene ruimte. Er zijn overigens ook nog andere variabelen in Baycan-Levent et al. (2009) gebruikt, zoals “Existence of a regional green space system”. Bij de definitie van die variabele staan zaken als bossen en rivieren in de omgeving van de stad juist wel genoemd. Dit is echter een andere variabele.

Ik heb me wel degelijk gerealiseerd dat niet-realistische cijfers het gevolg zouden kunnen zijn van gehanteerde definities. De door auteurs genoemde definitie sluit dat in dit geval echter uit. Een ander belangrijk punt bij deze cijfers was dat cijfers in Baycan-Levent et al. (2009) in sommige gevallen 100% overeen kwamen met die uit URGE (2004), maar in andere gevallen juist totaal verschillend waren. Dit terwijl auteurs in Baycan-Levent et al. (2009) juist verwijzen naar URGE (2004) voor de herkomst van de data. In URGE (2004) staat om eens een extreem voorbeeld te noemen bij Malaga 0,9% groene ruimte, terwijl dit in Baycan-Levent et al. (2009) 59,3% is. In diverse andere studies van Nijkamp e.a. wordt overigens weer een andere herkomst van dezelfde data (dus tabellen met letterlijk dezelfde cijfers) genoemd. Mijn vermoeden is dat data niet op een uniforme en gestructureerde manier zijn verzameld, zoals wordt beweerd, maar dat her en der lukraak wat getallen vandaan zijn geplukt (dit is echter speculeren). Opzet kan in dit geval dus niet 100% waterdicht worden aangetoond. Daar ben ik in mijn klacht/analyse overigens ook heel helder in geweest: “Hoewel datamanipulatie in deze drie studies niet waterdicht kan worden aangetoond zonder dat de ruwe data beschikbaar zijn, zijn er wel aanwijzingen die daar op wijzen” (p. 56). Er zijn ook diverse gevallen waarbij de bewijzen voor datamanipulatie veel sterker zijn, zie daarvoor het document op de website van Gill.

Overigens ben ik het met Gill eens dat niet 100% uit te sluiten is dat ik me op bepaalde punten vergist heb. Ik heb bij het schijven van mijn analyses de uiterste zorgvuldigheid betracht om fouten te voorkomen. Tevens heeft een uitgebreid review-proces plaatsgevonden, waarbij een vijftal wetenschappers en nog enkele externe lezers betrokken zijn geweest. Ik ga er vanuit dat Kourtit en Nijkamp reeds lang geleden de inhoudelijke aanval hadden geopend indien ze daartoe mogelijkheden zagen.

Naast dit inhoudelijke punt wil ik er ook graag op wijzen dat het in Nederland niet wettelijk verboden is om correspondentie van jezelf met anderen te publiceren. Hierop zijn wel bepaalde uitzonderingen, zoals gevallen waarbij onrechtmatige inbreuk wordt gemaakt op de persoonlijke levenssfeer (denk aan liefdesbrieven of adresgegevens), maar de gepubliceerde correspondentie had juist betrekking op professionele activiteiten van betrokkenen. De klachtenregeling wetenschappelijke integriteit van de VU verplicht klager/beklaagde bovendien nergens tot geheimhouding. Alleen de mensen die betrokken zijn bij de behandeling van de klacht zijn volgens de klachtenregeling wetenschappelijke integriteit verplicht tot geheimhouding.

Eigenlijk is het punt van Gill (dat hij het gevoel had iets te doen dat niet hoorde) gerelateerd aan een gevoel waar ik zelf ook mee heb geworsteld. Normale kritiekpunten mag je benoemen, en dit behoort zelfs tot de kerntaken van wetenschappers. Als je echter (bijvoorbeeld) een fout hebt gevonden die iemands theorie geheel onderuit haalt (helemaal als die persoon dat eigenlijk had moeten weten) wordt het al gevaarlijk om dit tijdens de vragenronde na een presentatie openlijk naar voren te brengen. Hiermee zet je de presentator voor paal, en dergelijke kritiek uit men liever face-to-face. Als kritiek, tenslotte, nog veel fundamenteler is en raakt aan de basis van de wetenschappelijke en inhoudelijke integriteit van het werk dat een wetenschapper heeft verricht, dan is het in wetenschappelijke kringen not done om dat aan de orde te stellen. Hierdoor zou namelijk ernstig gezichtsverlies worden veroorzaakt. Ik was me terdege bewust van deze ongeschreven regel, één van de redenen om anoniem te blijven. Ik ben echter van mening dat ernstige misstanden wel degelijk benoemd zouden moeten kunnen worden. Op het moment dat een goede sfeer op de werkvloer en niemand voor het hoofd stoten belangrijker zijn geworden dan waarheidsvinding hebben we wat mij betreft een groot probleem in de wetenschap (voor zover je daar dan nog van kan spreken). Natuurlijk is wat Kourtit en Nijkamp is overkomen een persoonlijk drama van ongekende proporties; ik heb er talloze slapeloze nachten van gehad. Ze hebben dit onheil echter over zichzelf afgeroepen. Ik ben dan ook van mening dat het gevoel van Gill iets fout te hebben gedaan weliswaar laat zien dat hij een gewetensvol karakter heeft, maar simpelweg onterecht is.

Bronnen
Baycan-Levent, T., R. Vreeker en P. Nijkamp, 2009, A Multi-Criteria Evaluation of Green Spaces in European Cities, European Urban and Regional Studies, 16, p. 193-213.

URGE, 2004, Making Greener Cities: A Practical Guide, url: http://www.urge- project.ufz.de/CD/booklet.htm

Door Richard Gill op 20 februari 2015

Thank you NN! The rules at Leiden are different from those at the VU. I'm not allowed to publish the Nijkamp-Kourtit complaint against me, but I would have no objection at all to making it public.

There are general rules drawn up by VNSU and KNAW (LOWI) but each university has its own variant, which moreover changes from time to time.

Door NN op 20 februari 2015

Nog een toevoeging ter verduidelijking. Ik lees net elders op het web ook nog een bericht dat Gill vertrouwelijke informatie zou hebben geopenbaard. Daar is echter absoluut geen sprake van. Ik had - zowel juridisch als binnen de universitaire regels - het volste recht om de bewuste correspondentie te publiceren. Op het moment dat ik deze naar Gill toestuurde zodat het online kon worden gepubliceerd deed ik dat niet omdat ik het vertrouwelijk wilde houden, maar juist om het te openbaren.

In geen van de mails die de universiteit naar mij toestuurde is gevraagd dingen geheim te houden. Sterker: de ombudsman heeft mij al vroegtijdig meegedeeld geen vertrouwelijke informatie aan anonieme partijen te willen sturen. Dit impliceert dat de weinige gegevens die ze wel stuurden door hen niet als vertrouwelijk werden beschouwd. Dat het document op de website van Gill vertrouwelijke informatie zou bevatten is dan ook pertinent onjuist. Het document bevat wel voor sommigen onwelgevallige informatie, maar onwelgevallig is iets anders dan vertrouwelijk.

Door NN op 20 februari 2015

Nog een toevoeging ter verduidelijking. Ik lees net elders op het web ook nog een bericht dat Gill vertrouwelijke informatie zou hebben geopenbaard. Daar is echter absoluut geen sprake van. Ik had - zowel juridisch als binnen de universitaire regels - het volste recht om de bewuste correspondentie te publiceren. Op het moment dat ik deze naar Gill toestuurde zodat het online kon worden gepubliceerd deed ik dat niet omdat ik het vertrouwelijk wilde houden, maar juist om het te openbaren.

In geen van de mails die de universiteit naar mij toestuurde is gevraagd dingen geheim te houden. Sterker: de ombudsman heeft mij al vroegtijdig meegedeeld geen vertrouwelijke informatie aan anonieme partijen te willen sturen. Dit impliceert dat de weinige gegevens die ze wel stuurden door hen niet als vertrouwelijk werden beschouwd. Dat het document op de website van Gill vertrouwelijke informatie zou bevatten is dan ook pertinent onjuist. Het document bevat wel voor sommigen onwelgevallige informatie, maar onwelgevallig is iets anders dan vertrouwelijk.

Door NN op 20 februari 2015

Nog een toevoeging ter verduidelijking. Ik lees net elders op het web ook nog een bericht dat Gill vertrouwelijke informatie zou hebben geopenbaard. Daar is echter absoluut geen sprake van. Ik had - zowel juridisch als binnen de universitaire regels - het volste recht om de bewuste correspondentie te publiceren. Op het moment dat ik deze naar Gill toestuurde zodat het online kon worden gepubliceerd deed ik dat niet omdat ik het vertrouwelijk wilde houden, maar juist om het te openbaren.

In geen van de mails die de universiteit naar mij toestuurde is gevraagd dingen geheim te houden. Sterker: de ombudsman heeft mij al vroegtijdig meegedeeld geen vertrouwelijke informatie aan anonieme partijen te willen sturen. Dit impliceert dat de weinige gegevens die ze wel stuurden door hen niet als vertrouwelijk werden beschouwd. Dat het document op de website van Gill vertrouwelijke informatie zou bevatten is dan ook pertinent onjuist. Het document bevat wel voor sommigen onwelgevallige informatie, maar onwelgevallig is iets anders dan vertrouwelijk.

Door Klaas van Dijk op 20 februari 2015

Beste NN, veel dank dat u hier een reactie hebt geplaatst. Zelf heb ik de beide klachtenregelingen (oud en nieuw) van de VU uitputttend bestudeerd, evenals klachtenregelingen van andere universiteiten. De regelingen verschillen op zeer kleine detailpunten. Bij de VU staat duidelijk dat er geen geheimhoudingsplicht is (wenselijk is wat anders dan een plicht). U had dus inderdaad het volste recht om deze stukken te delen met derden cq openbaar te maken. Ik maak uit uw woorden op dat Peter Nijkamp en Karima Kourtit (nog steeds) niet over de brug zijn gekomen met de basisgegevens die verschillende mensen hebben opgevraagd.
.
Elders op het internet staat een bericht / brief (?) van Peter Nijkamp en Karima Kourtit. Het bericht lijkt lukraak geplaatst te zijn (als commentaar op http://www.foliaweb.nl/organisatie/fusie-met-vu-is-bedreiging-voor-nive… ) en de tekst houdt midden in een woord op.
.
.
"karimA, 18 februari 19:47,
Ter informatie zenden wij u bijgaand stuk. Hoogachtend, Peter Nijkamp, Karima Kourtit,
.
In het afgelopen jaar zijn diverse anonieme beschuldigingen over Professor Dr. Peter Nijkamp en Dr. Karima Kourtit (beiden VU Amsterdam) verspreid. Deze aantijgingen hadden betrekking op vermeende inbreuk op wetenschappelijke integriteit. De Leidse hoogleraar Richard Gill heeft een belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van anonieme klachten aangaande datamanipulatie/ datafraude over hen en diverse medeauteurs. Gill’s naam is voortdurend als deskundige ten tonele gevoerd door de anonieme klager(s) en later door een blogger-journalist, Frank van Kolfschooten. Richard Gill heeft – naar aanleiding van een klacht van Nijkamp en Kourtit – van het College van Bestuur van de Universiteit Leiden de opdracht gekregen een geautoriseerde verklaring op zijn universitaire website te publiceren, waarin hij erkent fout te zijn geweest bij beschuldigingen aan het adres van Nijkamp/Kourtit. Deze verklaring i"
.
Wellicht is er iemand die het complete bericht / de complete tekst van deze brief weet te achterhalen?

Door Richard Gill op 20 februari 2015

Here we see the same mixup: integrity of scientists, vs. integrity of scientific works.

There appear to be serious anomalies in certain scientific works, those works are suspect. It's the normal business, indeed the responsibility, of scientists to notice such things and draw attention to them if they come to his/her notice. Personally, I am not in the business of accusing scientists of fraud or other failures of personal integrity.

It seems necessary to repeat again that I have not been "ordered" to publish some declaration on my website. The wording of a declaration was negotiated, and once agreed, I kept my side of the agreement. An agreement between Dr Kourtit and Prof Nijkamp on the one side, and myself on the other side. The committee of scientific integrity of Leiden mediated. I think they did fine work. The board of Leiden University was informed but did not have to approve anything, let alone "order" anybody to do anything.

It's good to hear that from a legal point of view the "confidentiality" issues were less serious than I imagined. Anyway, I did what I did because after weighting pros and cons I decided it was necessary.

For me the ethical issues and the scientific issues are important. The legal issues are, to be honest, a nuisance. But they do come into the picture, for instance, because they do have impact on my employer and on my relationship with my employer, etc.

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.