NIEUWS

Wetenschap 03 november 2017

Gods woord in ponskaarten

Bij welke faculteit werd eind jaren zeventig al vooruitstrevend informaticaonderzoek gedaan? Roept iemand daar Theologie? Nee? Dat is dan onterecht. Want het Eep Talstra Centrum viert deze week al zijn veertigste verjaardag. Vanaf 1977 deed men daar al onderzoek naar Gods woord met behulp van ponskaarten.

Het was hoogleraar Eep Talstra die indertijd voorzag dat computers de wereld, en daarmee ook het bijbelonderzoek, flink zouden veranderen. Hij richtte de Werkgroep Informatica Vrije Universiteit (WIVU) op, dat later naar hem vernoemd zou worden.

Verdwenen charme

Talstra gebruikte eind jaren zeventig de computer in eerste instantie om de oorspronkelijke Hebreeuwse tekst van het Oude Testament te coderen. Waar eerst handmatig gezocht werd naar taalkundige patronen, nam de computer die functie over.

De huidige directeur van het Eep Talstra Centrum, hoogleraar Wido van Peursen, vertelt dat het informatieonderzoek in de beginjaren niet te vergelijken is met nu. “Computers werkten nog met ponskaarten en het centrum had nog geen eigen netwerk.”

Haalde het gebruik van de computer niet de romantiek van het onderzoek van oude teksten weg? Van Peursen: “Toen de boekdrukkunst werd uitgevonden, werden er ook pamfletten geschreven dat zo de tradities van het overschrijven van handschriften zou verdwijnen. Dat was met de invoering van de computer ook zo.”

Verrassing

Nog steeds wordt ook binnen de VU verbaasd gereageerd op het onderzoekscentrum. Van Peursen: “Toen we ons als onderzoeksgroep aansloten bij het Network Institute, het netwerk van onderzoekers in Informatica, Geesteswetenschappen en Sociale Wetenschappen, reageerde men wel verrast. Van Peursen vindt de combinatie informatica en theologie zelf voor de hand liggend: “Het zorgvuldig bestuderen van de bronnen is onderdeel van het vak. Het is logisch dat daar nu de computer voor gebruikt wordt”

De afgelopen veertig jaar leverde het gebruik van de computer veel resultaat op. Zo wist computeronderzoek licht te schijnen op de vraag of het Oude Testament volledig in de hellenistische periode werd geschreven of dat er tussen het jongste en oudste deel van de tekst wel duizend jaar zit. Van Peursen: “Met de huidige stand van zaken kunnen we door het gebruik van de computer zeggen dat er waarschijnlijk een langere tijd overheen is gegaan.”

Poëzie vertalen

Maar zelf vindt hij de grootste waarde van dit onderzoek juist in kleine ontdekkingen zit. “Zo kunnen we bijvoorbeeld veel bijdragen aan het correct vertalen van de Bijbel. Het Oude Testament bestaat voor een derde uit poëzie. Veel vertalers weten geen raad mee. Zo lijkt het gebruik van werkwoordsvormen vaak volkomen willekeurig. Dan kiezen ze voor een vorm die het best lijkt te passen. Maar uit een van onze promotieonderzoeken blijkt juist dat die werkwoordsvormen niet willekeurig zijn, maar alleen niet de regels van proza volgen.”

Floor Bal
BEELD: FB

hits 5

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.