20 april 2016

Trump kent zijn kiezers als geen ander

De Trump-Clinton-finale is na hun klinkende overwinningen in home state New York weer een stap dichterbij gekomen. Voor de vastgoedmiljardair Donald Trump, die de overwinning vierde voor zijn “Trump Tower” in Manhattan, kan deze week ondanks zijn eerdere slechte week niet meer stuk. Zo gaat dat in de politiek, al blijft het rekenkundig een uitdaging voor Trump om een absolute meerderheid van de kiesmannen te behalen. Met zijn ruime zege laat hij opnieuw zien dat hij de behoeften en sentimenten van veel Republikeinse kiezers beter door heeft dan het partijestablishment. Veel rechtse kiezers maken zich niet zozeer druk over abortus, noch over het feit dat de overheid te ‘groot’ zou zijn, maar vooral over hun baan. Een baan die ze dreigen te verliezen – of mogelijk al verloren hebben – doordat banen verdwijnen naar China of andere lagelonenlanden waar Amerikaanse multinationals graag de poorten openen die ze eerder in de VS sloten. De kiezers maken zich – naast immigratie en het vermeende gevaar van 1,6 miljard moslims – druk over het feit dat terwijl de top zich verrijkt, zij achterblijven. Het reële inkomen van “Joe Six-pack” (Jan Modaal) is al decennia niet omhoog gegaan en de laatste jaren zelfs gedaald. Nadat de financiële zeepbel – die ook de (lagere) arbeidersklasse de illusie gaf van materiële vooruitgang – in 2008 knapte, is het veel conservatieve Amerikanen duidelijk geworden dat ze het niet moeten hebben van het neoliberale beleid dat de Republikeinse elite al sinds jaar en dag voorstaat.

Het is daarom vooral op sociaal-economisch terrein dat Trump zich, in tegenstelling tot zijn tegenstrever Ted Cruz, helemaal geen principieel conservatief toont, en zich soms zelfs links van Hillary Clinton positioneert. Vooral op het issue van vrijhandel, waar Trump veel feller tegen fulmineert dan Clinton, die pas kritische geluiden laat horen sinds de opkomst van mede-Democraat Bernie Sanders. Ook wil Trump niet tornen aan het minimale Amerikaanse systeem van sociale zekerheid. En dit terwijl de eerder zo populaire Tea Party er altijd een speerpunt van had gemaakt in het gevecht tegen de geldverslindende “big government”. Bovendien heeft Trump eerder in de campagne de speculatieve hegdefonds van  Wall Street scherp aangevallen, al was hij er in New York (waar die hedgefonds natuurlijk hun basis hebben) opvallend stil over. Trumps kiezers willen niet nog meer afbraak van de sociale zekerheid, meer vrijhandel of ruim baan voor banken en grote bedrijven. Ze willen juist meer zekerheid en bescherming tegen globalisering en neoliberalisering.

Trump voelt de zorgen van de Amerikaanse conservatief feilloos aan

De les die we hier uit kunnen trekken is dat ondanks de culture wars en het belang van guns and God voor veel conservatieve Amerikanen de sociaal-economische klasse er wel degelijk toe doet, wat tot nieuwe scheidslijnen in de Amerikaanse politiek leidt. Trump, met zijn feilloze politieke antenne, voelt dit heel goed aan. Toen hem onlangs gevraagd werd wat zijn belangrijkste prioriteit was voor het land was zijn antwoord: “Jobs!” Wat dat betreft heeft de Tea Party, die veel kiezers uit de white working class trok, maar een politiek voorstaat die helemaal hun belangen niet vertegenwoordigd, voorlopig het nakijken. Hun tot voor kort grote rol in de Amerikaanse politiek zou wel eens uitgespeeld kunnen zijn. In ieder geval vinden die veelal laag opgeleide kiezers nu massaal onderdak bij Trump die hen een warm welkom heet: “I love the poorly educated!”, zoals hij onlangs zijn liefde voor de “gewone man” verwoordde.

Bernie Sanders, wiens groeiende momentum na zeven overwinningen op rij nu weer gestopt is, is natuurlijk in veel opzichten het linkse, progressieve antwoord op dezelfde sociaal-economische problematiek. De senator uit Vermont brengt die nog veel explicieter (en met meer geloofwaardigheid) in verband met een globalisering voor en door de elite. Al appelleren Trump en Sanders beiden aan dezelfde gevoelens van economische onvrede en daaruit voortkomende afkeer van “de elite”, de verschillen – en niet alleen in stijl of in het feit dat Sanders juist ook veel hoger opgeleide kiezers trekt – zijn verder groter dan de overeenkomsten. Een groot verschil is natuurlijk dat Trump zelf lid is van de billionaire class waar Sanders zo tegen te hoop loopt. En alhoewel de anti-vrijhandelretoriek van Trump  veel van zijn collega-miljardairs grote zorgen baart, zijn de belangen van de one per cent in andere opzichten waarschijnlijk wel veilig bij een eventuele Trump presidency. Zo zullen volgens een berekening van Fortune de inkomensverschillen onder het belastingplan van Trump fors toenemen, met opnieuw een flinke verlaging voor de allerrijksten. En diezelfde rijken zijn volgens de zakenman uit Manhattan onmisbaar in het weer “groots” maken van Amerika, verwijzend naar zijn campagneslogan “To make America great again”. Trump zelf voorop natuurlijk.

Nu het toch steeds meer op een tweestrijd tussen tussen Clinton en Trump  begint te lijken (al zal de Republikeinse partij nog een ultieme poging doen om de laatste een spaak tussen de wielen te steken) moet de conclusie vooralsnog zijn dat wat in Iowa en New Hampshire begon als een revolte tegen de elite met de verkiezingen van 2016 waarschijnlijk toch niet tot een echte omwenteling zal leiden. Zoals het er nu uitziet zullen Amerikanen straks kunnen kiezen tussen een miljardair die zijn miljardairvrienden uiteindelijk echt wel te vriend zal willen houden, en Hillary Clinton, die zich laat financieren door weer andere miljardairs en veel vrienden op Wall Street heeft. De politieke revolutie die Bernie Sanders heeft afgekondigd laat daarmee in ieder geval nog even op zich wachten. Maar intussen brandt het vuur wel door en is zowel aan de linker- als aan de rechterkant van het Amerikaanse politieke spectrum duidelijk dat een niet langer te negeren groep kiezers klaar is met de economische politiek zoals die de afgelopen 20 jaar domineerde. Een fenomeen dat we natuurlijk op een andere manier ook in Europa zien.

 

De auteurs doceren internationale betrekkingen bij de afdeling Bestuurskunde en Politicologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en zijn de auteurs van American Grand Strategy and Corporate Elite Networks: The Open Door since the End of the Cold War (Routledge, 2016).

hits 2

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.