27 maart 2019

Leven verdelen

Iedereen die weleens een lange relatie heeft gehad en door een pijnvolle break-up is gegaan, weet hoe moeilijk het is om het leven zoals het voor de break-up was weer op te pakken. Dat gaat niet. Het dagelijks leven zit vol met dingen die je, bewust of onbewust, met elkaar hebt gedeeld. Dingen die je voor lief nam, maar die na het verbreken van een relatie opeens blootleggen dat er iets veranderd is en je daar continu aan herinneren.

Na het verbreken van een relatie verdeel je het leven dat je samen hebt beleefd. Er zijn de vanzelfsprekende dingen. De boeken, de platen, het bestek. Sommige dingen gaan makkelijk: hij kocht de bank, die bleef bij hem. De Groene Amsterdammer staat op jouw naam, dus die neem jij met je mee. Jij had het eerst een abonnement op de sportschool, dus hij vertrok. Het huis is van hem, dus jij vertrok.

Met dat vertrekken werd het verdelen makkelijker. Jij vond in jouw nieuwe buurt nieuwe cafés om biertjes in te drinken, nieuwe favoriete koffiezaken, nieuwe wandelroutes, een nieuwe supermarkt, een nieuw favoriet plein. Jullie verdeelden als het ware de stad: hij kreeg het Vondelpark, jij het Westerpark. Hij Zuid, jij West.

Maar wat doe je met de dingen die niet zo makkelijk te verdelen zijn? Wat doe je met het goedkope Italiaanse restaurant in het centrum waar ze de beste cacio e pepe serveren, dat jullie samen hebben ontdekt? Wie mag dat hebben?

Geliefden spreken na verloop van tijd een soort geheimtaal. Jullie hadden een eigen woord voor oksel, voor rug, voor fiets. Jullie hadden uitdrukkingen die jullie op bepaalde momenten gebruikten, grapjes die alleen jullie twee begrepen. Wat doe je met die taal? Gebruik je die nog? Wie mag de woorden hebben?

Toen deze maand de langverwachte Hockney-tentoonstelling in het Van Gogh Museum opende, was er maar één iemand met wie je naar die expositie wilde. De expositie werd een jaar geleden al aangekondigd, toen het nog vanzelfsprekend was dat jij en hij daar samen heen zouden gaan, toen jullie alle kunst nog deelden. Jullie houden van Hockneys werk omdat het zo licht lijkt, zo zorgeloos. Op de koelkast hing een ansichtkaart met een werk van Hockney. Je weet niet meer wie de kaart gekocht had of waar die kaart gebleven is, hij zal hem wel hebben, waarschijnlijk hangt hij nog steeds op de koelkast. 

Nog diezelfde dag sms’t hij en vraagt of je met hem naar de expositie wil.

Soms kan kunst meer dan duizend woorden. Omringd door Hockneys bomen, de kleuren en zijn lichtheid vergeten jullie niet hoeveel pijn het heeft gedaan, maar is er wel voor het eerst sinds het verbreken weer de ruimte voor meer dan dat. Jullie spreken jullie geheimtaal, maken de grapjes die alleen jullie twee begrijpen en spreken af ooit weer cacio e pepe te eten in het Italiaanse restaurant. Je vraagt of die ansichtkaart nog op de koelkast hangt. Hij fronst, zegt: “Die heb jij meegenomen.”

“Heb ik niet”, zeg jij.
“Heb je wel”, zegt hij.
“Ik heb ’m niet”, zeg jij.
“Ik ook niet”, zegt hij.

Als je later naar de universiteit doorfietst, neem je voor het eerst sinds de break-up de snelle route, de route door zijn deel van de stad. In de Museumwinkel kochten jullie allebei een nieuwe, eigen ansichtkaart. Als je straks thuis bent, hang je hem op de koelkast.

hits 219

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.