Popup-Niks-missen-2.png

23 oktober 2020

Let op de stille student

Het is maandag en mijn werkweek gaat weer officieel van start. Maar dat is niet hoe het voelt, omdat alles digitaal is en er continu e-mails en berichten binnenstromen. Mijn werkweek is een rare mix geworden van bestuur, colleges en bijbaantjes van zondag tot en met vrijdag, met wat tijd voor mezelf en studie op vrijdagavond en zaterdag. Vooralsnog is het mij gelukt om een ritme te vinden in deze chaos. Ik zorg dat ik elke dag rond 20 uur mijn laptop en studieboeken dichtklap en mijn telefoon wegleg.

Ik ben nogal een controlfreak. De planning van mijn dagen staat keurig in mijn Calendar, en zonder mijn overzicht van lijstjes en taken op Asana zou ik nergens komen. Ik heb een heel arsenaal van tips & tricks om deze tweede coronagolf door te komen, en niet gierend gek te worden in mijn Uilenstede-kamertje.

Mijn collega-raadsleden zijn een grote steun voor mij en ze voeden mijn passie: zorgen voor het welzijn van studenten. Daarnaast kan ik niet alleen terugvallen op mijn studievrienden die ik al vijf jaar ken. Maar ook op mijn docenten die ik al jaren ken en altijd kan mailen en/of met wie ik op anderhalve meter koffie kan doen. En ik kan ook nog eens bouwen op mijn vertrouwde huisgenoten.

Desalniettemin maak ik mij heel erg veel zorgen, grote zorgen. Die houden mij ’s nachts wakker. Ik heb weliswaar mijn vangnet, mijn Calendar en mijn gouden tips & tricks. Maar wat hebben onze eerstejaars nu eigenlijk? Wat hebben de internationale studenten die moederziel alleen in Amsterdam zitten? Wat hebben de studenten die alleen wonen, zonder familie en vrienden in de buurt?

Deze pandemie heeft een gevaarlijk en stil broertje, en voor hem zijn we niet bang genoeg

Elke dag spoken deze vragen door mijn hoofd. Naast mijn werk voor de universitaire studentenraad ben ik ook student-coördinator van het mentoraatprogramma van mijn opleiding. Daar hoor ik de ervaringen van nieuwe studenten en ervaar het grote verschil tussen het vorige studiejaar en dit jaar voor de nieuwe studenten.

Mijn opleiding heeft een geweldig team van docenten, maar zelfs dat geschikte team kan niet helemaal de huidige problemen van de nieuwe studenten oplossen.

Studenten zijn eenzaam. Ze missen de binding met hun universiteit, hun studie, én met hun medestudenten, want die hebben ze nog nooit in het echt gezien! De VU heeft geweldig veel faciliteiten, en de werknemers en docenten doen zo hun best. Maar als het voor ouderejaars al moeilijk is om hulp te vragen, hoe moeten deze eerstejaars dat dan in hemelsnaam doen?

Iedereen is bang voor de fysieke gevolgen van covid-19. Maar deze pandemie heeft een gevaarlijk en stil broertje, en voor hem zijn we niet bang genoeg. De psychische gevolgen voor studenten zijn enorm. Achteraf zullen we pas echt beseffen hoe groot de schade is. Want hoe bied je eigenlijk goede hulp aan studenten die kampen met angst en depressie?

Het zijn de stille studenten op wie we extra moeten letten, voor wie we goed moeten zorgen. Maar hoe kun je iets signaleren wat je niet kunt zien, horen of ruiken?

Kimberly van den Ouden
Commissiecoördinator onderwijs & onderzoek
k.van.den.ouden.usr@vu.nl

Kimberly van den Ouden USR

 

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.