15 september 2017

Colleges op San Andrés

“En waarom verkopen ze hier in groten getale alfajores (Zuid-Amerikaanse koekjes) maar bijvoorbeeld niet in... eh, Holanda?" Ik probeerde zijn zoekende blik te ontwijken, maar ik wist dat het niet lang meer zou duren voordat die mij gevonden had. “Ja, Myrthe, vertel het eens.” Ik wist niet zo goed hoe te antwoorden in het Spaans en tot slot zei ik: “In Nederland hebben we andere dingen zoals stroopwafels bijvoorbeeld.” Iedereen begon te lachen en ik voelde me een beetje onbeholpen zo tijdens mijn eerste college van het vak politiek en strategie van bedrijven. De professor knikte naar me en ging weer verder met zijn relaas over de implementatie van alfajores in andere delen van de wereld, waarbij die te pas en te onpas medestudenten om hun mening vroeg. Voorlopig had ik mijn portie voor het eerst komende half uur gehad, dacht ik opgelucht.

Ik ga onderzoek doen bij Manos Abiertas, een organisatie tegen armoede in Buenos Aires

De hoeveelheid behandelde stof ligt per college lager dan in Nederland, maar daar staat tegenover dat we vier vakken tegelijk volgen tot en met december, dus de periodes duren ook veel langer dan in Nederland.

Management van sociale organisaties is een vak met relatief veel nieuwe stof voor mij. Het leuke eraan is dat we allemaal een sociale organisatie moeten kiezen en daar daadwerkelijk een onderzoek moeten doen. Ik heb gekozen voor Manos Abiertas, een organisatie tegen armoede hier in Buenos Aires. De planning is dat we deze week een interview moeten afnemen voor ons onderzoek. Gelukkig ontvangen ze je hier letterlijk met open armen bij organisaties om je te helpen met je onderzoek.

Het is best intensief, alle colleges in het Spaans. Bovendien duren de colleges op zichzelf gemiddeld 3,5 uur met één pauze tussendoor en dat is veel langer dan een gemiddeld college op de VU. Bij San Andrés volg ik drie bedrijfskundevakken: Politiek en strategie van bedrijven, Management van sociale organisaties en Geavanceerde thema’s in entrepeneurship, en één vak over de Spaanse taal. Behalve bij het laatste vak zitten we voor de rest gemengd met Argentijnse studenten.

In tegenstelling tot in Nederland worden er hier geen aparte hoor- en werkcolleges gegeven. Vaak beginnen we met een anderhalf uur theorie om vervolgens de volgende anderhalf uur de theorie toe te passen in een specifieke casus. Tijdens het entrepeneurshipvak zitten we met ongeveer zestien studenten, dus er is veel interactie met de docent, tijdens de andere twee bedrijfskundevakken zijn dat er gemiddeld veertig. De behandelde theorieën zijn voor een groot deel hetzelfde als in Nederland. Maar soms is het even wennen met de Spaanse namen voor modellen en afkortingen. Bijvoorbeeld de Swot-analyse, die iedereen van bedrijfskunde wel kan dromen, heet hier de Foda. De eerste keer dat ik die term hoorde, was ik blij toen ik de kenmerken van de Swot herkende.

hits 4

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.