OPINIE
VU en UvA moeten Amsterdam International University oprichten
De voorzitters van de ondernemingsraden van VU en UvA willen dat de Amsterdamse universiteiten hun internationale activiteiten bundelen in de Amsterdam International University.
Het rommelt op de Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit. Willen de twee Amsterdamse universiteiten fuseren of alleen op deelterreinen samenwerken? Het aftreden van de voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam laat zien, dat de neuzen daar nog niet dezelfde kant op staan. Ook binnen de Vrije Universiteit zijn de standpunten nog niet uitgekristalliseerd. Wij als voorzitters van de ondernemingsraden van beide universiteiten hebben een gezamenlijk voorstel om deze impasse te doorbreken: bundel de internationale activiteiten van beide instellingen in de Amsterdam International University.
Eigenheid en samenwerking
De Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit zijn twee Amsterdamse universiteiten die elk hun eigen geschiedenis en hun eigen ontwikkeling hebben. Door veranderingen binnen het internationale veld waarin beide instellingen opereren, door de toenemende vervlechting van beide universiteiten en door de druk op de financiën, ligt het voor de hand dat beide universiteiten naar samenwerking zoeken waar dat mogelijk is. Daardoor kunnen ze hun gezamenlijke positie binnen het universitaire veld in Nederland, maar ook internationaal, versterken.
Tegelijkertijd is duidelijk dat beide universiteiten een eigen profiel hebben binnen het universitaire veld in Nederland en dat ze, ondanks een gedeeltelijke overlap in hun aanbod, aantrekkelijk zijn voor onderscheiden groepen studenten. Beide universiteiten zijn ervan overtuigd dat hun kracht, zowel wat betreft onderwijs als onderzoek, voor een groot deel gelegen is in het voortbouwen op hun eigen geschiedenis en hun eigen profiel.
VU en UvA zien anderzijds dat ze, gezien hun beperkte financiële speelruimte, beide belang hebben bij een bundeling van krachten om in het internationale krachtenveld voldoende gewicht en zichtbaarheid te krijgen. De combinatie van de sterke kanten van beide instellingen levert meer op dan dat ieder op eigen terrein, naast of in concurrentie met elkaar, opereert. Buiten Nederland is het bovendien moeilijk uit te leggen dat er in Amsterdam meerdere universiteiten bestaan die met elkaar concurreren. De versplintering van het Amsterdamse profiel op nationaal en internationaal terrein is een rem op de internationale ontwikkeling van beide instellingen.
Amsterdam International University
De uitdaging voor beide instellingen is enerzijds hun eigen signatuur te behouden en anderzijds de samenwerking zo vorm te geven dat de beide instellingen daarin gezamenlijk extra gewicht ontwikkelen. Wij stellen daarom gezamenlijk voor om de internationaal gerenommeerde activiteiten van beide universiteiten te bundelen in een koepel die opereert onder een nieuwe naam: ‘Amsterdam International University’. Onder zo’n paraplu kunnen verschillende initiatieven met een internationale uitstraling en betekenis worden ondergebracht: niet alleen de internationaal opererende onderzoeksinstituten, maar ook de Research Master- en PhD-opleidingen, delen van tandheelkunde, van de twee academische medische centra en het Amsterdam University College.
Het voordeel van deze constructie is dat de namen van de dragende instellingen niet verdwijnen en dat het voor de Nederlandse en internationale student mogelijk blijft te kiezen voor een van beide instellingen. Het scheppen van een nieuwe koepel is overzichtelijk wat betreft de benodigde investeringen en kan operationeel grotendeels steunen op voorzieningen die de dragende instellingen reeds in huis hebben. De eenheden van de aangesloten instellingen kun je stimuleren zich te kwalificeren voor toetreding tot de Amsterdam International University, zodat er op den duur ook een dynamiek van in- en uitstroom kan ontstaan.
De COR van de UvA en de OR van de VU zijn beide overtuigd van de toekomstmogelijkheden van een samenwerking van beide instellingen. Die samenwerking zal, zonder afbreuk te doen aan het eigen profiel van beide universiteiten, voor beide instellingen, voor de studenten en medewerkers ervan en voor de regio Amsterdam meerwaarde kunnen opleveren.
Jan Bergstra is hoogleraar informatica en voorzitter van de Centrale Ondernemingsraad UvA. Ottho Heldring is filosoof en voorzitter van de Ondernemingsraad VU.
20 september 2011
 |
In de Volkskrant van maandag 26 oktober stond een artikel onder de prikkelende titel “Verloving van UvA en VU is het aftasten voorbij”. In het stuk wordt verwezen naar een plan van Jan Bergstra, voorzitter van de centrale ondernemingsraad (COR) van de UvA, en Ottho Heldring, voorzitter van de ondernemingsraad van de VU, om “de beide universiteiten met zachte hand naar meer samenwerking te leiden” via de oprichting van een derde instelling, de Amsterdam International University. Tegelijkertijd verscheen er in Ad Valvas en Folia Magazine een stuk waarin dat plan van Bergstra en Heldring uiteengezet werd.
In deze stukken wordt gesuggereerd dat de discussie over de toekomst van de UvA en mogelijke samenwerking met de VU in de COR al is afgerond en dat het eindoordeel positief is. Die discussie is echter net begonnen en dient behalve in de COR natuurlijk in de eerste plaats binnen de UvA gemeenschap gevoerd te worden. Van een definitief standpunt van de centrale ondernemingsraad is geen sprake en de raad heeft dit in zijn vergadering van vrijdag 30 september nog eens bevestigd. Wij zien het plan van onze voorzitter als een waardevolle bijdrage in deze discussie en roepen alle medewerkers op aan het voortgaande debat deel te nemen.
Volg de ontwikkelingen via onze website op: http://www.uva.nl/centraleonde...ctueel.cfm
De Centrale Ondernemingsraad van de UvA