Geesteswetenschappen worden pretpakket
De financiering van letteren, theologie en filosofie is in gevaar. Een financiële injectie helpt niet, vindt BERT VAN DER SPEK, hoogleraar oude geschiedenis.
17 december 2009
Er komen steeds meer studenten geesteswetenschappen, terwijl het budget voor docentencorps en bibliotheek stelselmatig kleiner wordt. Minister Plasterk zag het probleem en stelde in 2007 de Commissie Nationaal Plan Toekomst Geesteswetenschappen in. Op advies van deze commissie onder leiding van Job Cohen besloot Plasterk tot een aanzienlijke financiële injectie: vijftien miljoen euro per jaar voor de gezamenlijke Nederlandse faculteiten.
Nadelige kleinschaligheid is een van de problemen die de commissie-Cohen aanstipt. Die kleinschaligheid is deels onvermijdelijk. ‘Daarbij gaat het om een natuurlijke kleinschaligheid, gezien de combinatie van specifiek vereiste kennis en beperkte vraag.’ Zoals ieder weet, is de letterenfaculteit in zekere zin helemaal geen faculteit en kan dus ook niet vergeleken worden met faculteiten als rechten en economie. Onder letteren vallen tientallen wetenschapsgebieden: talen, geschiedenis, archeologie en kunstgeschiedenis, die met geen mogelijkheid in één curriculum te persen zijn. Daarnaast is er, aldus de commissie, vermijdbare kleinschaligheid. En die is er inderdaad, ook aan de VU. Zo is er bij de recente benoeming van een oudtestamenticus totaal geen overleg geweest tussen Godgeleerdheid en Letteren (oudheidkunde) over de inhoud en de bezetting van die plaats.
Plasterk stelde een regieorgaan in onder leiding van Frits van Oostrom ter beoordeling van door universiteiten ingediende plannen ter besteding van het geld. Dit orgaan en de Nederlandse universiteiten, waaronder de VU, hebben weinig oog voor het onderscheid tussen onvermijdelijke en vermijdbare kleinschaligheid. Van Oostrom heeft uitdrukkelijk zijn voorkeur uitgesproken voor ‘liberal-arts-achtige opleidingen’. Ook de VU heeft in haar Investeringsplan Geesteswetenschappen ingezet op breedheid. Het plan is daarmee geworden tot een bezuinigingsplan, omdat men dan kan inzetten op goedkope massacolleges. En intussen wordt geen cent uitgegeven aan versterking van de bedreigde expertise in onderzoek en onderwijs. Het geld zal voornamelijk gebruikt worden voor het dichten van gaten.
De VU is wel erg schaamteloos in dit opzicht. In het Investeringsplan staat letterlijk: ‘Het College van Bestuur van de VU heeft per 1 september 2009 een nieuw bekostigingssysteem ingevoerd. Bij die gelegenheid heeft het college aan de faculteit Letteren zeer aanzienlijke bedragen toegekend.’ Dit is toch werkelijk een gotspe: de VU heeft eerst willens en wetens een financieringssysteem ingevoerd dat Letteren twintig procent van haar inkomsten beroofde, en er vervolgens tijdelijke doekjes voor het bloeden tegenover gezet. Het eindresultaat: een arme faculteit Letteren, met een paar brede bachelors zonder beroepsperspectief en zonder Nachwuchs voor het zo hooggeroemde ‘toponderzoek’.
Misschien kan de VU op dit model voortbouwen. Schaf de faculteiten ook maar af. Allemaal nodeloze kleinschaligheid. Geef college in het Olympisch Stadion (Zuidas!) en bouw een toren van zeventig verdiepingen met op verdieping 1 tot en met 69 beleidsambtenaren en op de zeventigste verdieping ‘toponderzoek’.
 |