OPINIE
‘Stuur viespeuken het sportcentrum uit’
Niet douchen na het sporten, de volgende dag je bezwete shirt weer aantrekken, eten onder de douche. Ad Valvas-redacteur Peter Breedveld ergert zich aan de smerige gewoontes van zijn medesporters.
‘Reinheid is de helft van het geloof’, is een vaak geciteerde Hadith en in het Engels bestaat een gezegde: ‘cleanliness is next to godliness’. Dat schijnt uit het Hebreeuws te komen. Goddelijkheid, streven we daar niet allemaal naar als we onszelf martelen en frustreren in het VU-sportcentrum? Nergens worden we zo met onze sterfelijke menselijkheid geconfronteerd als op het fitnessapparaat.
Maar als de moslims en de joden gelijk hebben, kunnen we in elk geval half goddelijk worden en daar laten veel gebruikers van de sportfaciliteiten aan de VU kansen liggen. Zo gebeurt het nogal eens dat er op de cardiofitnessapparaten iemand naast me komt trainen die – hoe zeg je dat beleefd? – geen kennis lijkt te hebben genomen van de Hadith en de Hebreeuwse overleveringen. Die dus heel erg stinkt.
Ammoniaklucht
Nu zweten we allemaal tijdens het sporten, dus niemand ruikt echt lekker, maar er zijn mensen die er echt een potje van maken. Door bijvoorbeeld hun sportkleding niet te wassen na gebruik, en bij de volgende fitnesssessie gewoon weer aan te doen, nadat die een nacht en een dag in een tas heeft liggen gisten. En de volgende dag weer, en daarna weer. Laatst vreesde ik- serieus waar!- flauw te vallen van de pure ammoniaklucht, die een medesporter uitwasemde. Echt, hij stonk naar de Duivel. Mensen, je bent daar niet alleen in het sportcentrum!
In de herenkleedkamer – in de dameskleedkamer kom ik uiteraard niet– tref ik soms apocalyptische toestanden aan. De ruimte is prima geoutilleerd, met warme douches – een koude douche zou welkom zijn – maar daar maakt lang niet iedereen gebruik van. Veel sporters schieten na gedane zaken meteen hun buitenkleding weer aan en vertrekken naar huis, naar het avondeten. Heel erg vies, maar daar heb ik weinig last van.
Spoor van yoghurt
Erg zijn de types die hun avondeten in die kleedkamer nuttigen, tussen de zich omkledende en afdrogende mannen. Er is een jongeman die ik vaak een beker yoghurt zie leegeten. Soms weet ik dat hij geweest is, omdat er dan een spoor van yoghurt op de vloer ligt. Een tijdje terug zag ik een jongeman met zijn twee handen iets eten onder de douche. Ik zei: “Sta je nou echt een boterham onder de douche te eten?” – “Nee”, zei-die, “dat is een gevulde koek.”
En zo zou ik de hele Ad Valvas kunnen volschrijven met anekdotes die een geit nog de eetlust zou ontnemen. Wat dacht u van het heerschap dat, vlak naast me, eerst nog even een diepe snuif aan zijn sokken nam, voordat-ie ze aantrok?
Zo hoort het natuurlijk niet. Daarom wil ik mijn medesportcentrumgebruikers oproepen zich wat meer zorgen te maken om hun persoonlijke hygiëne. De toezichthouders van het sportcentrum wil ik suggereren misschien af en toe eens wat selectie aan de poort te doen. Eerst een verfrissende douche, af en toe een schoon shirt, het maakt het leven voor iedereen een stuk draaglijker.
Peter Breedveld
8 juni 2011
 |
Kortom misschien tijd om naar een andere (minder studentikoze) sportschool te gaan? Ik kan u best wat aanbevelingen doen!