OPINIE
Christelijke signatuur VU biedt juist vrijheid
De christelijke signatuur van de VU behoedt ons voor doctrinaire praktijken en kan academische vrijheid creëren, vindt historicus George Harinck. Harinck reageert hier op het pleidooi van wetenschapsfilosoof Hans Radder voor opheffing van de bijzondere status van de VU.
Hans Radder wil de christelijke signatuur van de VU opheffen. Dat lijkt mij riskant, want ik deel zijn optimisme niet dat een opbloei van dogmatische en doctrinaire praktijken (hij zal bedoelen: dwang en uitsluiting) niet waarschijnlijk is. Ik meen dat deze praktijken hardnekkig zijn, zoals de geschiedenis van de afgelopen eeuw, maar ook het heden illustreert. Deze praktijken zijn aan geen enkele religie of ideologie en geen enkele plek of mens vreemd. Universiteiten moeten dus ook op hun tellen passen voor doctrinaire praktijken en ook Radder en ik, en wij allen.
Anders dan hem valt mij op dat de VU het in zich heeft om weerstand te bieden tegen deze bedreiging. Ze is opgericht vanuit de drive: gelijk recht voor allen. Mensen die religie niet zien als een menselijke uiting (zoals Hans Radder zegt), maar als een gave van God, hebben gelijk recht in de wetenschap naast bijvoorbeeld degenen die menen dat wetenschap louter op de rede is gebaseerd. Religie is niet alleen object van wetenschap, er is in de wetenschap ook plaats voor het religieuze subject. Niet bij wijze van concessie, maar omdat wetenschap met hart en ziel beoefend dient te worden.
Geen oogkleppen
Ik kan niet zeggen dat dit uitgangspunt in heel de academische wereld gedeeld wordt. De christelijke signatuur van de VU kan behoeden voor doctrinaire praktijken en vrijheid bieden, indien we ophouden het geloof als oogklep te beschouwen, maar het zien als potentie om de universiteit te vrijwaren van dwang en uitsluiting. Natuurlijk heeft de rede ook die potentie (Radder zegt terecht dat de VU geen waarden voor zichzelf kan claimen – dat doet ze dan ook niet). Maar bedenk eens dat relatief veel moslims kiezen voor de VU – waar anders krijgen ze de ruimte voor een debat over hun religieuze moeite met de evolutie dan aan de VU, die ook nog eens ervaring heeft met deze discussie? Bedenk eens dat de VU, anders dan bijvoorbeeld de UvA, gebedsruimten voor moslims inruimt. Ik denk dat ze deze vrijheid niet aan de rede danken, maar aan de christelijke signatuur van de VU.
Binding aan de christelijke VU-traditie kan dus academische vrijheid creëren. Maar wat als die traditie niet meer wortelt in de VU-populatie? Afschaffen, zegt Hans Radder. Maar ik vind dat je in dit geval niet moet tellen, maar wegen: wat heeft die traditie de VU te bieden? Ik wijs er op dat de VU als een van de weinige Nederlandse universiteiten de theologie handhaaft, juist omdat ze de scheiding tussen religie en wetenschap verwerpt. Voor menige religieuze groep in onze samenleving is die inclusiviteit van de VU zo relevant, dat ze recentelijk haar opleidingen naar de VU verhuisde. En is Radder niet wat doctrinair, als hij een traditie wil afschaffen omwille van de meerderheid? Op grond van dergelijke argumentatie staan wereldwijd democratie en etnische of levensbeschouwelijke pluriformiteit onder druk. Als je een traditie zo bejegent, moet bijvoorbeeld de universiteit van Oxford zijn christelijke motto afschaffen en moet uit ons staatsbestel het middeleeuwse begrip Staten-Generaal verdwijnen. Ik vrees dat hier meer een bezwaar tegen traditie speelt dan tegen religie.
Cultureel dna
Veel interessanter lijkt mij de vraag hoe we de VU-traditie relevant kunnen houden. Traditie heeft waarde, ook zonder meerderheidssteun. Ze stelt de geschiedenis present en is ons cultureel dna. De VU-geschiedenis heeft veel te bieden: ze kent zwarte bladzijden die ons bij de les van vrijheid houden, maar ze biedt ook grootse pogingen die vrijheid te realiseren. De VU staat voorts op de schouders van reuzen inzake bezinning op christelijke wetenschap en op standpunten à la Radder. Die positie noopt eerder tot reflectie op dan tot uitsluiting van die traditie. Zulke bescheidenheid zou Radder er ook voor hebben behoed anderen hypocrisie aan te wrijven. Hem lezend bekruipt mij het gevoel dat doctrinaire neigingen nooit ver weg zijn. Het antidotum van de vrijheid lijkt mij daarom een eerste argument voor het handhaven van de christelijke signatuur van de VU.
George Harinck, hoogleraar geschiedenis van het neocalvinisme en directeur van het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme
19 januari 2011
 |