9 februari 2010 - Mensen raken eerder beschadigd door hersenchirurgie dan dat ze erdoor geholpen worden. Dat zegt schrijver/verpleeghuisarts Bert Keizer in dagblad nrc.next van vandaag.
Keizer was in 2007 drie maanden lang writer in residence in het VU medisch centrum meeliep op de afdeling neurochirurgie en schreef er een boek over, dat twee weken geleden verscheen bij Balans & VU Uitgeverij: Onverklaarbaar bewoond - Het wonderlijke domein van de hersenen.
Keizer zegt: "In de neurochirurgie zag ik keer op keer bevestigd dat een mens met een beschadigd brein een beschadigde ziel heeft. En als je van dichtbij ziet dat het verwijderen van hersenweefsel of het onder druk zetten van hersenweefsel of het door bloed opzij geduwd worden van hersenweefsel, direct psychische gevolgen heeft, is dat een overtuigende les. Er is een onontkoombare samenhang tussen brein en geest. In die zin dat duidelijk is dat de een niet zonder de ander kan."
Keizers conclusie: de (Roomskatholieke) idee dat mensen lichamen hebben waarin de ziel een tijdje reist en dan afscheid neemt, is aantoonbaar onzin.
Hersenchirurgen weten hoe ingrijpend de gevolgen van hun operaties kunnen zijn, maar ze denken er volgens Keizer 'niet obsessief over na'. "Ik zei ook een keer tegen een neurochirurg 'Jullie snijden dieper dan je denkt'."
Maar het brein blijkt ook ongelofelijk veel meer te kunnen hebben dan Keizer dacht. ,"Ik relateerde schade aan de hoeveelheid weefsel die je weg schept: hoe meer hoe erger. Zo eenvoudig ligt het niet. Neurochirurgen opereren subtieler dan ik dacht. Een hersenbiopt is iets waarvan ik dacht: dat kun je niemand aandoen. Nu denk ik: je moet het niet elke woensdagmiddag doen, maar het is maar een gaatje. Relax." (PB)
 |
Mijn motto is: Leef met de dag, en denk niet te diep na over iets wat vanzelfsprekend is. Laten we een voorbeeld nemen aan kinderen. Die hebben het "ultieme" brein"!