> Wat voor soort leider is rector Lex Bouter? > Een alfaman? Of een dienende leider? > Op zoek naar het antwoord toog student-reporter Karim Abbara naar het symposium ‘Darwin voor leiders’.
22 februari 2011 - Dit jaar staat bij VUconnected het programma sociaal ondernemen op de agenda. Middels symposia en lezingen ‘kunnen we samen de financiële en sociale waarden in bedrijven beter in balans krijgen’ valt er op de site te lezen. Een directe verwijzing naar de gehekelde cultuur in het bedrijfsleven. Dus was op het symposium ‘Darwin voor leiders’, dat afgelopen vrijdag plaatsvond in het AbnAmro-gebouw, de vraag: bestaan er alleen alfamannen of is er ook een ander soort leider? Bij de introductie van het programma werd al snel het begrip ‘dienend leiderschap’ als alternatief gegeven: iemand die ruimte schept voor de ontwikkeling van ideeën en initiatieven.
Aan de hand van apenfoto’s uit de dierentuin in Arnhem bespreekt primatoloog Jan van Hooff leiderschap in het dierenrijk. Hij preciseert al snel het begrip alfaman: de brede, grommende aap die de zwakkere aapjes de wil oplegt, blijkt niet de standaard te zijn. De alfaman is veeleer een leider die aan de hand van coalities macht probeert te verwerven. Zo gunt een leider bij de chimpansees zijn bondgenoot een aantrekkelijk vrouwtje, in ruil voor zijn diensten. Van Hoof: “Er is dus eerder sprake van machtstoekenning dan van machsverovering.” Een belangrijke vraag bij de toekenning van macht aan een groepslid is: ligt-ie lekker in de groep?
Leiders op de Zuidas
Het symposium trekt vooral zuid-as-volk. Maar van de drie leiders die hun praktijkervaringen met de zaal delen, komt er slechts één, topjuriste Marry de Gaay Fortman, uit het bedrijfsleven. Daarnaast zijn er Elmer Mulder, bestuursvoorzitter van VUmc, en onze eigen rector magnificus Lex Bouter. Wat voor leider zou Bouter zijn? Een alfaman, of een dienende leider?
Navraag vooraf bij de studentenraad van de VU leert dat Bouter een ‘warme persoon is die betrokken is en studenten het gevoel geeft dat er naar hen wordt geluisterd’. Collegevoorzitter René Smit daarentegen voldoet volgens leden van de studentenraad meer aan het beeld van de klassieke alfaman: een sterke persoonlijkheid en minder een luisterend oor dan Bouter. De belangrijke test uit het dierenrijk, of de leider lekker in de groep ligt, lijkt Bouter dus te doorstaan.
Imago in eigen hand
In zijn eigen lezing legt Bouter de nadruk op de karaktertrekken van zijn werknemers, de wetenschappers. Die zijn ‘licht anarchistisch’, ‘dol op debat’ en hebben een ‘sterke, intrinsieke motivatie.’ De belangrijkste kwaliteit van een goede leider in zo’n omgeving is ‘betrokkenheid’. De mensen moeten het gevoel hebben dat er naar hen geluisterd wordt. Bouter omschrijft dus de leider die hij volgens leden van de studentenraad zelf is. Op de VU bestaat het beeld dat Smit een kleurrijker persoon is dan Bouter. Tekenend is de opmerking van Bouter dat een leider binnen de academische wereld ‘saai en voorspelbaar moet zijn’. Dat het beeld van Bouter overeenkomt met zijn eigen plaatje van de perfecte leider, leert ons dat hij zijn imago volkomen in eigen handen heeft.
Het begrip dienend leiderschap, dat verder door de sprekers nauwelijks werd aangehaald, werd enigzins door Bouter verwoord. Een goede leider is volgens hem ‘iemand die graag ziet dat anderen het beter doen’. Hij heeft een bloedhekel aan managementliteratuur. ‘Al die theorietjes’, verzucht hij. Romans bieden hem veel meer inzicht in het begrip leiderschap. Hij noemt een romanreeks van de schrijver Patrick O’Brian, waarin een admiraal bij de Engelse marine en zijn anti-autoritaire scheepsarts centraal staan. Bouter identificeert zichzelf vooral met de scheepsarts, de ‘luis in de pels’. Maar hij is natuurlijk alles behalve een luis in de pels: hij bekleedt een topfunctie.
Doen alsof je niet belangrijk bent
Het leiderschap van Bouter is vast anders dan het leiderschap binnen het bedrijfsleven. Maar of het nu meteen het ideale alternatief is? Zijn vorm van leiderschap maakt vooral dat Bouter onomstreden is en de touwtjes goed in handen heeft, zonder dat we dat doorhebben. Je krijgt bij zo'n leider het gevoel dat er naar je wordt geluisterd, maar of de leider uiteindelijk je inbreng echt meeneemt in zijn beslissing is nog maar de vraag. Ik kreeg vooral het gevoel dat Bouter deed alsof hij niet al te belangrijk was, terwijl hij rector magnificus is. En als je die indruk probeert achter te laten, zit daar een bedoeling achter, namelijk de beeldvorming over je eigen persoon zelf bepalen. Daarmee is hij een leider die probeert lekker in de groep te liggen, wat volgens Van Hooff een vereiste is voor een leider. En volgens van Hooff is zo iemand een alfaman…
Karim Abbara, student-reporter
 |