Japans voor iedereen

20 april 2017

Japans voor iedereen

Het lijkt misschien logisch dat je Japans gaat leren als je verblijft in het land van de rijzende zon, maar helaas is het niet altijd zo simpel. Het kost flink wat geld, zeeën van tijd en een hoop geregel om in Japan een taalcursus te volgen. Ik had ook in Nederland geen voorbereidingscursus gedaan, dus kwam aan in Tokio zonder enige kennis van de taal. Wat ik wel heb, zijn apps voor al het nodige: survivalvocabulaire, Google Translate met real-time fotovertaling en Japans toetsenbord, gratis wifi op talloze openbare plekken - denk aan stations, bibliotheken en winkelcentra -, het ingewikkelde metronetwerk mét actuele reistijden, offline navigatie (de offlineversie van Google Maps is niet beschikbaar in grote delen van Azië - de Googlers zagen zeker op tegen al dat werk) en drie verschillende apps voor het Japanse schrift (daar kom ik later op terug). Kortom, alles wat ik nodig heb om te overleven in Japan.

En toch. In de korte tijd dat ik hier ben, is al gebleken dat het echt nodig is om te taal te spreken. Zo was er het koffie-incident bij mijn buurtbakker. Maar dat is niet het enige. Een ander voorbeeld is mijn worsteling met een kopieermachine. Voor het tekenen van mijn huurcontract moest ik kopieën maken van mijn Japanse studentenkaart, residentiekaart (die geeft aan dat je in Japan woont met jouw adres op de achterzijde) en paspoort met visum. Normaal gesproken doe ik dat thuis of anders op de VU. Ik scan mijn studentenpas en de printer spuwt mijn printjes eruit.

In Japan gaat alles anders, zo ook de printers

Maar in Japan gaat alles anders, zo ook de printers. In de bibliotheek van mijn gastuniversiteit heb ik 15 minuten lopen staren naar de knopjes in het Japans. Zelfs Google Translate kon niets voor me betekenen. Dus ik liep naar de hulpbalie, maar ook daar moest alles in het Japans. In halfbakken Japans kon ik de dame overtuigen om mij te helpen met de kopieermachine. Als een spelletje kopieerde ik haar exacte bewegingen en kreeg ik uiteindelijk het gewenste resultaat in tweevoud uit de printer.

Een ander voorbeeld: mijn verplichte bezoek aan de city office (stadsdeelkantoor). Iedere immigrant moet binnen twee weken zijn nieuwe woonadres doorgeven. Dat lijkt simpel maar ik heb drie uur doorgebracht in het overheidskantoor, terwijl dat normaal gesproken niet langer duurt dan een half uur. Mijn werkwijze: de gemeentemedewerker met het Japanse toetsenbord laten typen, Google Translate zorgde voor het antwoord in Engels. De technologie van nu, wat een uitkomst.

Gelukkig ben ik ondertussen begonnen met Japanse taallessen. Ik begin langzamerhand het ingewikkelde schrift van de Japanners te begrijpen. Er zijn drie schriften: hiragana, katakana en kanji. De eerste twee zijn gebaseerd op klanken, vergelijkbaar met ons alfabet. Het kanji-schrift bestaat uit tekens overgenomen uit het Chinees. In het dagelijkse leven word je geacht om honderden van deze kanji te (her)kennen. Ik waag me daar maar niet aan, en hoop dat ik straks op zijn minst kan meekomen in gewone conversaties.

Het enige probleem is dat de tekstboeken van de taalcursus volledig in het Japans zijn en dat de docenten geen woord Engels spreken. Zelf denk ik dat dit het leren ten goede komt, ook al heb ik totaal geen idee wat mijn sensei (docent) soms zegt. Maar met veel te veel handgebaren en met de voorwerpen die de docent meeneemt, is het allemaal nog net te doen. Zo nam ze op een zonnige dag met 24 graden op de thermometer een paraplu mee, omdat die in het hoofdstuk van die dag voorkwam. De les ging over namen en bezittelijke voornaamwoorden en ze plakte op tafels, stoelen, pennen en drinkflessen een naam uit het boek, en dus ook op de paraplu.

Met bloed, zweet en tranen hoop ik aan het eind van de rit, over vijf maanden, Japans te kunnen spreken.

hits 1950

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties