extra informatie bij: ‘De raadselachtige wegen van NWO’ Ad Valvas nr. 27, 10 april 2008.
auteur: Bas Belleman (HOP)
> Wat kost dat nou, zo’n NWO?
> Steekt u voor NWO uw hand in het vuur? Wetenschappers evalueren de deskundigheid van NWO
> “Al met al ben ik positief” Hoe een onderzoeker achter het net viste Wat kost dat nou, zo’n NWO? In totaal heeft NWO meer dan vijfhonderd miljoen euro op de begroting staan, waarvan ruim 470 miljoen van de overheid komt. Verreweg de grootste hap daaruit nemen de acht ‘wetenschapsgebieden’ waar NWO in verdeeld is, plus de stichtingen Nationale Computerfaciliteiten en WOTRO Science for Global Development: die staan samen voor driehonderd miljoen euro op de begroting. De Vernieuwingsimpuls (de Veni-, Vidi- en Vici-beurzen) kost dit jaar 79,5 miljoen euro. De beheerkosten van NWO besloegen vorig jaar 6, 2 procent van de begroting; voor 2008 mikt men op 5,6 procent. Steekt u voor NWO uw hand in het vuur? Wetenschappers hebben niet altijd evenveel vertrouwen in de deskundigheid van de selectiecommissie van NWO. Bij de domeinen geesteswetenschappen en maatschappij- & gedragswetenschappen vindt slechts eenderde van alle indieners dat de selectiecommissie van de Vernieuwingsimpuls genoeg expertise had om hun voorstel te beoordelen. De rest durft daar niet de hand voor in het vuur te steken. Dit blijkt uit een recente evaluatie van de Veni-, vidi- en vici-subsidies. Ook het oordeel over de externe peer-reviewers is vernietigend. Dat zijn deskundigen die over een bepaald voorstel anoniem hun mening moeten geven, zodat de commissie een goede afweging kan maken. De indieners lezen de kritiek en mogen weerwoord geven. Bij geesteswetenschappen antwoordt slechts de helft van de indieners dat de referenten voldoende expertise hadden om het ingediende voorstel te beoordelen. Bij maatschappij & gedragswetenschappen is dat aandeel nog lager: 44 procent. Het vertrouwen is een stuk hoger bij de gebieden chemie, exacte wetenschappen en natuurkunde. Respectievelijk 62, 51 en 43 procent had vertrouwen in de deskundigheid van de selectiecommissie. De externe beoordelaars kregen nog meer applaus: 66, 80 en 73 procent van de indieners dacht het met hun kennis wel goed zat. “Al met al ben ik positief” “Aan het eind van het gesprek vroeg de commissievoorzitter of ik zelf nog iets wilde zeggen. Ik was zo verrast dat ik nee zei. Achteraf jammer, ik had die kans moeten grijpen.” Aan het woord is Christoph Baumgartner, theoloog van de Universiteit Utrecht. Hij had een aanvraag ingediend voor een Veni-subsidie en werd hoog gewaardeerd, maar viste toch achter het net. “Het is me wel duidelijk waarom ik de subsidie niet heb gekregen. Ik was in het interview niet scherp genoeg. Natuurlijk ben ik teleurgesteld, maar ik zat er heel dichtbij. Ik weet niet op welke plek ik ben geëindigd, maar dat doet er uiteindelijk niet toe. Alleen de subsidie telt. In de Vernieuwingsimpuls wil NWO niet alleen onderzoeksvoorstellen subsidiëren, maar ook personen. Ze moeten er vertrouwen in hebben dat je in staat bent om tot een topwetenschapper uit te groeien. Anderen konden hun capaciteiten toen kennelijk beter aantonen dan ik. Ik heb ervan geleerd. Ik wilde ethisch onderzoek doen naar religie, belediging en de vrijheid van meningsuiting. Achteraf weet ik wel wat ik had moeten zeggen, maar op dat moment lukte het niet om de kritiek van één van de peer reviewers te weerleggen. Ik zei dat ik onder andere taalfilosofie wilde gebruiken om het debat te analyseren en de commissie vroeg: welke taalfilosofie? Ik noemde wat namen en benaderingen, maar kon de methode blijkbaar niet overtuigend over het voetlicht brengen. Al met al ben ik positief over de procedure. Ik sta niet te juichen wat de uitkomst betreft, maar de concurrentie was hevig en er moet uiteindelijk een keuze worden gemaakt. Ik kom uit Duitsland en daar heb ik procedures meegemaakt die veel minder zorgvuldig waren. Mijn promotie ligt inmiddels een aantal jaren achter me, zodat het niet mogelijk is nog een keer de Veni-subsidie aan te vragen. Ik kan wel aan de universiteit verdergaan en andere projectaanvragen indienen. Dat doe ik ook en daar krijg ik gelukkig de kans toe.”
 |